![]()
© 2010 NO KIDDING, Powered by Entix, Concept & Design by Watson & Lewis, Produced by PDI.
Actie bij vermoeden kindermishandeling
Luisteren. Praten. Melden. Elke actie telt.
Dat is het uitgangspunt bij een vermoeden van kindermishandeling. Luister dus naar de kinderen, praat met mensen in je omgeving en de omgeving van het kind en doe melding. Jouw angst om in te grijpen staat niet in verhouding tot de angst die het kind iedere dag voelt. Feit: 80% van de Nederlanders sluit de ogen voor kindermishandeling. (Link: onderzoek NSS/Nova 2004)
1. Neem je gevoel serieus en wees alert op signalen
Kindermishandeling is niet altijd even makkelijk zichtbaar, de gevolgen van geweld worden vaak goed verborgen. Niet alleen door daders, maar ook door slachtoffers. Daarom is betrokkenheid een belangrijke factor. Hoe meer je je betrokken voelt bij het welzijn van een kind, hoe meer contact je maakt. En hoe meer contact er is, hoe beter je kunt waarnemen en meevoelen.
Gevoel? Vermoeden? Verdenking? Het maakt niet uit hoe je het noemt: 'er klopt iets niet', 'er is iets niet pluis daar', 'ik krijg een naar gevoel'. Misschien zie je blauwe plekken, merk je vreemd gedrag op of hoor je opmerkingen van anderen. Of je nu maar een stukje van de puzzel hebt of meerdere, wacht niet af maar doe iets.
Survivors aan het woord:
"Wat ik gemist heb is betrokkenheid en medemenselijkheid."
"Waarom keek iedereen toe en heeft niemand iets gedaan?"
2. Praat met de ouders of de omgeving
Als je kindermishandeling vermoedt, praat er dan over. Je hoeft niets anders te doen dan je zorg om een kind uit te spreken. Dat is niet alleen je recht maar zelfs je plicht!
Met wie kun je erover praten:
- spreek je zorg en vermoeden uit naar iemand die je kunt vertrouwen. Bijvoorbeeld de school, collega's, vertrouwenspersoon, huisarts, familie of de buren. En praat net zolang tot de mishandeling stopt.
- praat met de ouders en vraag of ze hulp nodig hebben.
- praat met het kind. En als dat niet gaat, geef het kind liefdevolle aandacht.
- bel het AMK voor advies (kan anoniem): 0900-1231230.
Survivors aan het woord:
"Aandacht, een liefdevolle aanraking van iemand uit mijn omgeving gaf mij de kracht om me eruit te vechten."
"Een luisterend oor gaf mij vertrouwen".
" Ik spreek ouders ALTIJD aan als ik op straat zoiets zie gebeuren. Misschien helpt het, misschien niet, maar ik weet zeker dat een kind het zich nog zal herinneren dat iemand voor hem opkwam. Dat is mij altijd bijgebleven en heeft me laten voelen dat het niet normaal was dat mijn ouders mij zo behandelden."
3. Meld het bij de juiste instanties
Vaak hoor je dat mensen niet ingrijpen omdat ze bang zijn dat een kind direct uit huis geplaatst gaat worden. Wees je bewust dat jij de situatie niet hoeft en kunt oplossen. Wat je wel kunt doen is verantwoording nemen voor jouw gevoel van zorg of verontwaardiging; net zolang tot er iets gebeurt. Jouw actie kan verandering in gang zetten. Wacht niet tot je het zeker weet; ga af op je gevoel. Juist door erover te praten met je omgeving kan je meer duidelijkheid krijgen over de situatie.
Bel het AMK voor advies of een melding (kan anoniem): 0900-1231230
- bel de politie 0900-8844
- bel het Steunpunt Huiselijk Geweld voor advies of een melding 0900-1262626
- bel 112 bij acuut gevaar
Survivors aan het woord:
"Ik leefde 24 uur per dag in angst, dit staat niet in verhouding tot de angst die de omgeving heeft om in te grijpen".
Kom in actie tot de mishandeling stopt!
Een moedige actie om kindermishandeling te stoppen:
Henny uit Utrecht vertelt: "Er kwam een Hindoestaanse vrouw bij me in buurt wonen. Ze kreeg een relatie met een Nederlandse man. Vaak hoorde ik vreselijk geschreeuw en gegil uit haar huis komen. Ik vroeg aan de buren of zij wisten wat daar gaande was. Zij reageerden van 'daar worden kinderen met een stok geslagen, dat is nou eenmaal de cultuur'. Maar hebben jullie de politie niet gebeld?, vroeg ik. 'Nee', zeiden de buren, 'dan krijg je dat hele volk tegen je'. Ze deden niets.
Ik belde wel de politie, elke dag, en vroeg of ze wilden komen kijken. Ze kwamen niet, dus toen zei ik als jullie niet komen ga ik de ramen daar ingooien. Ik heb twee ramen ingegooid. Toen pas kwam de politie en zagen ze de situatie daar. Er zijn die zelfde dag drie kinderen uit huis geplaatst. Ineens stond de buurt achter me, maar ik heb ze weggestuurd. Ze hadden naast me moeten staan. Eén persoon moet de eerste zijn, anders stopt de mishandeling nooit.